Om deze website te kunnen gebruiken dient u Javascript in te schakelen.

Glaucoom

Diagnostiek

Om de diagnose glaucoom te bevestigen, kunnen meerdere aanvullende onderzoeken verricht worden. We streven ernaar om deze onderzoeken zoveel mogelijk op dezelfde dag te laten plaatsvinden.

De belangrijkste onderzoeken zijn:
  • De oogdruk is een van de belangrijkste metingen bij glaucoom. De meest betrouwbare manier om dit te doen is doormiddel van de (Goldmann) applanatiemethode.

     

    Hoe gaat het onderzoek in zijn werk?

    Bij deze meting wordt er eerst een druppeltje verdoving en een beetje oranje kleurstof (fluoresceïne) in uw oog gedaan. Hierna wordt een apparaatje voorzichtig en oppervlakkig tegen het oog geplaatst. Met dit apparaat kan de arts of optometrist de druk bepalen. Het onderzoek is pijnloos en kortdurend. Na het onderzoek kunnen de tranen tijdelijk nog oranje kleuren. Belangrijk is dat contactlenzen altijd worden uitgenomen voorafgaand aan dit onderzoek om verkleuring van de lenzen te voorkomen. De verdoving blijft ook na het onderzoek nog enkele minuten doorwerken. Probeer daarom niet in de ogen te wrijven vlak na het onderzoek.

    Andere manieren die in onze kliniek worden gebruikt om de oogdruk te meten, zijn:

    • Rebound tonometrie (Icare®): Dit is een klein apparaatje dat vaak bij kinderen of mensen die moeilijker te onderzoeken zijn, gebruikt wordt. Ook dit is een pijnloos onderzoek.
    • Non contact tonometrie (puftonometer): Deze methode om de druk te meten, maakt gebruik van een luchtpufje tegen het oog. Dit wordt vaak als screenend onderzoek gebruikt.
  • De oogdruk varieert bij iedereen gedurende de dag. Meestal is de oogdruk in de vroege ochtend het hoogst. Bij patiënten die glaucoom hebben kan deze variatie behoorlijk zijn en leiden tot schade aan de oogzenuw. Om deze variatie te kunnen vastleggen, kan het noodzakelijk zijn om gedurende één dag op verschillende tijdstippen de oogdruk te meten. Dit noemen we een dagcurve van de oogdruk.

    De meest voorkomende indicatie om een dagcurve uit te voeren, is een achteruitgang op het gezichtsveld bij een lage of normale oogdruk bij patiënten met glaucoom. De achteruitgang zou dan verklaard kunnen worden door variaties in de oogdruk gedurende de dag.

    Hoe gaat het onderzoek in zijn werk?
    Gedurende de hele dag moet u in (de buurt van) het ziekenhuis zijn om op vier tijdstippen de oogdruk te laten meten. Deze tijdstippen worden met u afgesproken tijdens het maken van uw afspraak. Het is belangrijk dat u op de dag van het onderzoek beide ogen met uw eigen oogdruppels blijft druppelen zoals u normaal ook zou doen. Het gezichtsvermogen wordt niet beïnvloed door het onderzoek. De uitslag van het onderzoek wordt tijdens uw volgende poliklinische afspraak met u besproken.

  • Het doel van een donkerprovocatietest om te kijken of uw oogdruk in het donker stijgt. Bij patiënten met een nauwe of gesloten kamerhoek kan de druk in het donker soms stijgen.

    Hoe gaat het onderzoek in zijn werk?
    Gedurende één uur moet u in een donkere kamer plaatsnemen. Tijdens het onderzoek is het belangrijk dat het donker blijft. U kan dus niets lezen tijdens het onderzoek. U kan eventueel wel wat muziek meenemen.

    Er wordt op 2 momenten de druk gemeten. Eenmaal voor u plaatsneemt in de donkere kamer en een tweede maal direct nadat u uit de donkere kamer komt.  Aan de hand van de resultaten van dit onderzoek bepaalt uw arts of een eventuele behandeling nodig is.

     

  • Apparaat voor het gezichtsveldonderzoek

    Het gezichtsveld is het totale beeld dat u met één oog kunt overzien wanneer u recht vooruitkijkt. Aan de zijkanten van het gezichtsveld worden geen fijne details waargenomen, maar wel grotere voorwerpen of bewegingen. Het gezichtsveldonderzoek (ook wel perimetrie genoemd) is een onderzoek om dit gezichtsveld in detail te onderzoeken. Bij mensen die glaucoom hebben, kan er via dit onderzoek eventuele uitval van het gezichtsveld vastgesteld worden. Maar er zijn ook andere aandoeningen waarbij er afwijkingen op het gezichtsveld kunnen worden waargenomen, bijvoorbeeld neurologische aandoeningen.

    Hoe gaat het onderzoek in zijn werk?
    In de onderzoekskamer krijgt u uitleg over het onderzoek en zorgt de assistent dat u comfortabel achter het onderzoeksapparaat kunt plaatsnemen. Het onderzoek gaat als volgt in zijn werk:

    1. U neemt plaats voor het toestel. Uw kin en uw voorhoofd plaatst u in de steun.
    2. U richt uw blik op één punt (fixatiepunt), recht voor u.  
    3. Met een druk op een knop geeft u aan wanneer u een lichtsignaal ziet terwijl u blijft fixeren op het centrale punt (knipperen mag wel).
    4. De lichtsignalen verschijnen beurtelings op verschillende plaatsen en met verschillende lichtintensiteit in het gezichtsveld (links, rechts, boven of beneden).
    5. Tijdens het onderzoek hoort u ook geluidssignalen. U moet alleen op de knop drukken als u ook een lichtsignaal ziet.

    De duur van de test is wisselend maar bedraagt gemiddeld zo’n 5 tot 10 minuten per oog. Een gezichtsveldonderzoek is niet pijnlijk, maar kan als vermoeiend worden ervaren omdat het een grote concentratie vereist. Uw arts bespreekt het resultaat van het onderzoek tijdens uw volgende poliklinische afspraak. We streven ernaar om het onderzoek zoveel mogelijk op dezelfde dag te laten plaatsvinden als uw poliklinische afspraken. Door de vele patiënten is dit in de praktijk echter niet altijd mogelijk.

  • OCT-scanner

    Optical Coherence Tomography (OCT) onderzoeken worden in onze kliniek veelvuldig gebruikt. Met deze techniek is het mogelijk om op een eenvoudige manier verschillende structuren van het oog in detail in kaart te brengen.

    Hoe gaat het onderzoek in zijn werk?
    Vaak wordt er met een OCT-scanner een scan gemaakt van de oogzenuw zelf. Er wordt dan een dikte meting gedaan van de zenuwvezellaag rondom de oogzenuw. Bij patiënten met glaucoom is deze verdund. Deze scan kan helpen om de diagnose glaucoom te stellen. Deze scans

     

    OCT- scan van de voorkant van het oog

    Met de OCT-techniek kan ook het voorste deel van het oog in kaart gebracht worden, o.a. de kamerhoeken. Dit kan belangrijk zijn om een onderscheid te maken in het soort glaucoom (open- of geslotenkamerhoekglaucoom) en om de juiste behandeling te kiezen. Andere structuren zoals de macula (gele vlek) kunnen ook in kaart gebracht worden om eventuele andere problemen uit te sluiten.

    Het onderzoek zelf is niet pijnlijk en duurt maar een paar seconden. Tijdens het onderzoek zit u met uw hoofd in een hoofdsteun en kijkt u naar een lampje. Het is belangrijk dat u zo stil mogelijk blijft zitten en zo goed mogelijk naar het lampje blijft kijken. Het onderzoek heeft geen invloed op uw gezichtsvermogen.

    Met de OCT-techniek kan ook het voorste deel van het oog in kaart gebracht worden, o.a. de kamerhoeken. Dit kan belangrijk zijn om een onderscheid te maken in het soort glaucoom (open- of geslotenkamerhoekglaucoom) en om de juiste behandeling te kiezen. Andere structuren zoals de macula (gele vlek) kunnen ook in kaart gebracht worden om eventuele andere problemen uit te sluiten.

    Het onderzoek zelf is niet pijnlijk en duurt maar een paar seconden. Tijdens het onderzoek zit u met uw hoofd in een hoofdsteun en kijkt u naar een lampje. Het is belangrijk dat u zo stil mogelijk blijft zitten en zo goed mogelijk naar het lampje blijft kijken. Het onderzoek heeft geen invloed op uw gezichtsvermogen.

     

  • Gonioscopie

    Gonioscopie is een aanvullende onderzoeksmethode bij glaucoom voor het beoordelen van de kamerhoek. Dit onderzoek wordt door de oogarts of oogarts in opleiding in de spreekkamer gedaan.

    Hoe gaat het onderzoek in zijn werk?
    We plaatsen hierbij een speciaal contactglas op het oog. Vooraf wordt het oog lokaal verdoofd met een oogdruppel. Vervolgens kan met behulp van de microscoop en de spiegel in het contactglas de kamerhoek worden bekeken. Hierbij wordt gekeken of de kamerhoek open of gesloten is en bijvoorbeeld of er pigmentatiemateriaal zichtbaar is. Deze informatie is belangrijk om de juiste diagnose te stellen en de juiste behandeling te starten.

  • Dit is een onderzoek waarmee we de dikte van het voorste deel van het oog, het hoornvlies, meten.

    De dikte van het hoornvlies heeft invloed op de meting van de oogdruk. Omdat onze apparatuur gekalibreerd is op een gemiddelde hoornvliesdikte wordt de oogdruk te hoog gemeten bij iemand met een dikker hoornvlies of juist te laag gemeten als iemand een dunner hoornvlies heeft.

    Ook dit onderzoek in pijnloos en duurt maar een paar seconden.

Sluit de enquête